Voorstel Lage-inkomensvoordeel (LIV) vanaf 1 januari 2017

Als uw organisatie per 2017 een werknemer in dienst heeft die het wettelijk minimumloon of net iets meer verdient, krijgt u voor hem het lage-inkomensvoordeel. Dit voordeel is een nieuwe maatregel uit het wetsvoorstel Tegemoetkomingen loondomein.

Werkgevers kunnen per 1 januari 2017 onder voorwaarden recht krijgen op het zogenoemde lage-inkomensvoordeel (LIV) als ze werknemers in dienst hebben die tussen de 100% en 120% van het wettelijk minimumloon verdienen. Dit voordeel kan oplopen tot € 2.000 per werknemer per jaar. De hoogte is afhankelijk van het gemiddelde uurloon van de werknemer.

Gemiddeld uurloon bepaalt maximale korting
Werkgevers komen in aanmerking voor het LIV als een werknemer gemiddeld tussen de 100% en de 120% van het wettelijk minimumloon per uur verdient. Binnen deze groep is een splitsing gemaakt: voor werknemers die tussen de 100% en 110% van het minimumloon verdienen, krijgt de werkgever maximaal € 2.000 per werknemer per jaar. Voor werknemers die tussen de 110% en de 120% van het minimumloon verdienen, krijgt de werkgever maximaal € 1.000 per werknemer per jaar.

Voorwaarden
Aan het LIV zijn twee aanvullende voorwaarden verbonden:
• De werknemer moet minimaal 1.248 verloonde uren hebben in het jaar waarin de werkgever het LIV wil ontvangen.
• De werknemer mag nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt hebben.